Titel van dit boek: Auschwitz 13917
Hoe ik de Duitse concentratiekampen overleefde
Auschwitz 13917
Hoe ik de Duitse concentratiekampen overleefde
Informatie over dit boek
| Auteur(s): | Mirjam Blits |
| Aantal pagina's: | 300 |
| Verschenen: | 2012 |
| Uitvoering: | paperback |
| ISBN: | 9789089751775 |
| NUR: | 689 - Oorlog en vrede |
| Prijs: | € 19,95 |
Korte inhoud van dit boek:
Op de avond van 25 februari 1943 worden in Amsterdam de 26-jarige Mirjam Blits en haar man Eddy door de Sicherheitsdienst van hun bed gelicht. Zij moeten zich zo snel mogelijk aankleden en krijgen nog net de gelegenheid wat boterhammen klaar te maken voor hun lange reis... Ruim twee jaar later keert Mirjam terug naar Amsterdam. Moederziel alleen, want haar man Eddy, haar vader, haar moeder en haar hele familie hebben de gaskamers niet overleefd. In haar grote eenzaamheid grijpt Mirjam pen en papier en begint te schrijven. Alles wat ze in de voorgaande jaren heeft doorstaan wordt opnieuw beleefd, de doden leven weer, haar beulen staan weer dreigend in haar kamer... Koortsachtig schrijft ze vel na vel vol, zonder te letten op fraaie taal of zinsbouw. Haar drang om alles vast te leggen is enorm. Pas als Mirjam haar hele verhaal van zich heeft af geschreven kan ze berusten. Ze besluit dat haar leven verder moet gaan. Het manuscript van Mirjam Blits belandt bij het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (nu NIOD). Degenen die het daar lezen zijn diep onder de indruk. In 1961 verschijnt het manuscript van Mirjam Blits in boekvorm. Vijftig jaar later publiceert Just Publishers de heruitgave van dit indrukwekkende, ontroerende en verrassend eigentijdse boek. Mirjam Blits was de tante van Jeroen Krabbé. De acteur/schilder raakte zeer ontroerd door het dagboek van zijn ‘tante Mary‘. Het inspireerde hem tot een schilderijenserie over zijn joodse familie: De ondergang van Abraham Reiss. Speciaal voor deze heruitgave van Auschwitz 13917 schreef Jeroen Krabbé een indringend voorwoord. Een geschiedenis... ontstellend in zijn sobere eenvoud, openhartigheid en gruwelijkheid. Ontroerend door zijn humor en grote wil tot overleven...Op de avond van 25 februari 1943 worden in Amsterdam de 26-jarige Mirjam Blits en haar man Eddy door de Sicherheitsdienst van hun bed gelicht. Zij moeten zich zo snel mogelijk aankleden en krijgen nog net de gelegenheid wat boterhammen klaar te maken voor hun lange reis...
Ruim twee jaar later keert Mirjam terug naar Amsterdam. Moederziel alleen, want haar man Eddy, haar vader, haar moeder en haar hele familie hebben de gaskamers niet overleefd.
In haar grote eenzaamheid grijpt Mirjam pen en papier en begint te schrijven. Alles wat ze in de voorgaande jaren heeft doorstaan wordt opnieuw beleefd, de doden leven weer, haar beulen staan weer dreigend in haar kamer...
Koortsachtig schrijft ze vel na vel vol, zonder te letten op fraaie taal of zinsbouw. Haar drang om alles vast te leggen is enorm. Pas als Mirjam haar hele verhaal van zich heeft af geschreven kan ze berusten. Ze besluit dat haar leven verder moet gaan.
Het manuscript van Mirjam Blits belandt bij het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie (nu NIOD). Degenen die het daar lezen zijn diep onder de indruk. In 1961 verschijnt het manuscript van Mirjam Blits in boekvorm. Vijftig jaar later publiceert Just Publishers de heruitgave van dit indrukwekkende, ontroerende en verrassend eigentijdse boek.
Mirjam Blits was de tante van Jeroen Krabbé. De acteur/schilder raakte zeer ontroerd door het dagboek van zijn ‘tante Mary‘. Het inspireerde hem tot een schilderijenserie over zijn joodse familie: De ondergang van Abraham Reiss. Speciaal voor deze heruitgave van Auschwitz 13917 schreef Jeroen Krabbé een indringend voorwoord.
Een geschiedenis... ontstellend in zijn sobere eenvoud, openhartigheid en gruwelijkheid. Ontroerend door zijn humor en grote wil tot overleven...
Over de auteur(s):
Mirjam Blits (geboren op 5 juni 1916 te Amsterdam, overleden op 5 mei 2004 te Amsterdam) schreef na haar terugkeer in Nederland de verschrikkingen en het verlies van haar man en hele familie van zich af. Ze deed dit niet met het plan dit manuscript ooit uit te geven. Mirjam Blits hertrouwde in 1949. Ze werkte als leidinggevende in de confectie-industrie.
Afbeelding van dit boek

